19 januari 2006

Vlamingen roepen op tot loyauteit en sereniteit

 

Het college van de VGC en de Vlaamse minister voor Brussel hebben intussen een gezamenlijk ’antwoord’ op het ’communautaire opbod’ van de Franstalige partijen.

Hierbij het volledige standpunt:

Vlaamse gemeenschap roept op tot loyauteit en sereniteit

Het College van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) en de Vlaamse minister voor Brussel, die vandaag zijn bijeengekomen, zijn verheugd dat de tweetalige burgemeester van Brussel-Stad opnieuw zélf aan het roer van onze hoofdstad staat. De tijdelijke aanstelling van een Nederlandsonkundige waarnemende burgemeester werd door Nederlandstalige gezagsdragers aangevoeld als een gebrek aan loyauteit en elementair respect ten opzichte van de Nederlandstalige gemeenschap van Brussel.

Omdat dit maar één van de vele recente wrijvingspunten was tussen Franstalige en Nederlandstalige politici, hebben de ministers Guy Vanhengel, Pascal Smet, Brigitte Grouwels en Bert Anciaux besloten om de basisbeginselen van het Brussels model in herinnering te brengen.

Wat de ministers als bijzonder pijnlijk ervaren, is het feit dat sommige Franstalige politici geen gelegenheid onbenut laten om de Nederlandstalige collega’s in een kwalijk daglicht te plaatsen door ze op een hoopje te vegen met het Vlaams Belang.

Zo suggereerde Philippe Moureaux dat de Vlamingen gekant waren tegen de tijdelijke aanstelling van mevrouw Hariche, omdat ze van buitenlandse origine is. Moureaux zet zo allochtone gemeenschappen op tegen de Vlaamse gemeenschap. Dit is onaanvaardbaar, gevaarlijk en intellectueel oneerlijk.

Tweetaligheid en loyauteit

De bijzondere wet van 12 januari 1989 riep het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het leven. Een dubbele meerderheid van Vlaamse en Franstalige leden van de federale Kamer van Volksvertegenwoordigers en de Senaat keurde de zogeheten ’Brusselwet’ goed. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is het enige, officieel tweetalige taalgebied van ons land.

De Brusselaars beschikken sindsdien over een eigen en rechtstreeks verkozen Brusselse Hoofdstedelijke Raad en een eigen Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met gewestelijke bevoegdheden.

Het is duidelijk de bedoeling geweest van de federale wetgever om een tweetalige werking van de Brusselse instellingen te waarborgen. De verhouding tussen de taalgroepen binnen Brussel staat in relatie tot de verhouding tussen de taalgroepen op het federale niveau.

De Brusselse instellingen zijn dan ook gestoeld op een aantal belangrijke uitgangspunten, die we even op een rij zetten:

  • Brussel is een grondwettelijk tweetalig gebied, waar de tweetalige dienstverlening in zowel de lokale besturen als op gewestelijk niveau een wettelijke minimum-vereiste is. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest èn de Brusselse lokale besturen dienen dit tweetalig karakter te respecteren in de samenstelling en werking van hun administratie, in hun communicatie en dienstverlening aan de burger, en in het beleid op alle domeinen waarvoor zij bevoegd zijn.
  • De Brusselse Regering is paritair samengesteld: twee Nederlandstalige en twee Franstalige leden.
  • Aan het hoofd van de Brusselse Regering staat de Minister-Voorzitter die taalkundig neutraal is. De Minister-Voorzitter leidt en coördineert de werkzaamheden van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering.
  • Er is een gewaarborgde vertegenwoordiging van 17 Nederlandstalige en 72 Franstalige leden van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad, die respectievelijk de Nederlandse en de Franse taalgroep vormen.
  • Een zogeheten ’dubbele meerderheid’ schraagt de bewindsploeg, die zo altijd de steun moet genieten van een meerderheid in zowel de Nederlandse als de Franse taalgroep van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad.
  • De bevoegdheden en de werking van de Brusselse instellingen (Regering en Raad) zijn bij bijzondere wet geregeld.

De Brusselse instellingen hebben sinds 1989 efficiënt kunnen functioneren en lagen aan de oorsprong van een vernieuwende dynamiek in de hoofdstad. Voorbeelden hiervan in het stadsbeeld zijn legio (renovatie van achtergestelde wijken, een uitgebreid netwerk aan openbaar vervoer, fiscale hervormingen, economische relance van Brussel, enz.).

Aan de grondslag hiervan lag een loyale houding van de betrokken politieke partners én van de beide taalgroepen, zowel tegenover elkaar als tegenover andere overheden in het federale staatsbestel.

Loyauteit is de hoeksteen van het efficiënt functioneren van de Brussels instellingen. Het College van de VGC en Vlaams minister Bert Anciaux wensen dat deze houding ook in de toekomst correct gehuldigd blijft. In het belang van de werking van de Brusselse instellingen. Met andere woorden in het belang van alle Brusselaars.

De Brusselaars hebben geen boodschap aan communautair opbod. Het anti-Vlaams discours, dat sommigen er nog steeds – of opnieuw - op nahouden, is achterhaald door de sociologische werkelijkheid van het Brussels Gewest. Feiten tonen dit overduidelijk aan.

Sociologische (r)evolutie en mentaliteitswijziging

De Vlaamse gemeenschap bouwde in Brussel een rijk aanbod aan culturele instellingen uit, alsook een hecht netwerk van kinderdagverblijven, scholen, welzijns- en gezondsheidsinstellingen.

De aantrekkingskracht van Vlaamse, culturele instellingen als het Kaaitheater en de Ancienne Belgique, de explosieve groei van het Nederlandstalig onderwijs in de hoofdstad, het belang van het Academisch Ziekenhuis van de VUB voor de Brusselaars: het zijn allemaal voorbeelden van de openheid en het cultureel en maatschappelijk engagement van de Vlaamse Gemeenschap in haar hoofdstad.

Nog nooit was de belangstelling voor wat de Vlaamse gemeenschap doet zo groot. De overgrote meerderheid (60 a 70 %) van de kinderen in het Nederlandstalig kleuter- en lager onderwijs te Brussel groeien op in een homogeen Frans- of anderstalige thuisomgeving en kiezen voor het Nederlandstalig onderwijs in de hoop later sneller een job te kunnen vinden. De overgrote meerderheid van de patiënten van het AZ-VUB zijn Frans- of anderstalig en kunnen er probleemloos terecht voor medische zorgen in hun taal. De muzikale programmatie van de AB is complexloos internationaal. Het publiek evenzeer. Het nieuws van TV-Brussel, FM Brussel en Brussel Deze Week vindt gretig aftrek.

De houding van diegenen die nog steeds pogen de Vlaamse gemeenschap van Brussel in een kwalijk dag licht te plaatsen en die de wettelijk gewaarborgde rechten van de Vlamingen in Brussel openlijk in vraag stellen is achterhaald en wereldvreemd.

Zij hanteren een nefaste strategie, zowel in het licht van de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2006 als in het licht van de volgende ronde in de staatshervorming van 2007.

Gemeenteraadsverkiezingen 2006

Op zondag 8 oktober 2006 zijn er gemeenteraadsverkiezingen in de 19 gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Het is voorspelbaar en normaal dat de voorbereiding van verkiezingen aanleiding geeft tot enige zenuwachtigheid en wat politieke spanningen. Hierin onderscheidt Brussel zich geenszins van andere steden.

Het zou evenwel onkies en onaanvaardbaar zijn dat die onrust rond de gemeenteraadsverkiezingen zou worden uitgewerkt op de rug van een toonaangevende, tolerante en creatieve gemeenschap, die de Nederlandstaligen van Brussel zijn.

Het College van de Vlaamse Gemeenschapscommissie en de Vlaamse minister bevoegd voor Brussel doen dan ook een oproep tot sereniteit en tot loyauteit. Loyauteit, als bindend segment van het Brussels én het federaal samenlevingsmodel. Sereniteit als voorwaarde tot dialoog en constructieve samenwerking tussen alle gemeenschappen die de hoofdstad rijk is.

Indien men er niet zou in slagen de sereniteit, de loyauteit en het wederzijdse respect aan te houden, dan komt de verdere werking van de Brusselse instellingen ongetwijfeld in het gedrang. Die impasse zou een zware hypotheek leggen op het Brussels samenlevingsmodel.

Dat is zeker niet de wens van het overgrote deel van de Brusselaars en allerminst van de Vlaamse ministers in Brussel.

 

Guy Vanhengel

Pascal Smet

Brigitte Grouwels

Bert Anciaux

 

Categorie: 
Tags: 
 

Volg mij ook via

Laatste foto's

Twitter